Als mama van twee weet ik inmiddels: een tevreden baby betekent vaak een volle buik. Maar als je niet altijd in de buurt bent om borstvoeding te geven, is de fles een must. En daar begon voor ons de zoektocht…
Bij onze oudste was het simpel. We hadden alleen de glazen Avent-flesjes en die waren perfect. Geen drama, geen twijfels. Maar bij de tweede?
Tuurlijk, ik trapte in al die “ren nu naar” filmpjes op Instagram. Dus de eerste fles die ik kocht? Hegen. Die zien er prachtig uit en met het vierkante design kan je ze daarna ook als bakje gebruiken. Z’n allereerste flesje ging hiermee moeiteloos. En ik dacht: dit is het! Tot hoj besloot van niet. Daarna was het de Difrax. Die S-vormige fles deed het een week fantastisch… en toen niet meer.

Dusweer verder zoeken. De Lansinoh kwam als aanrader voorbij, want dat schijnt dé fles te zijn voor flesweigeraars. En ja hoor, dat ging prima. Voor een paar dagen. Tot hij toch weer bij de Avent uitkwam, alsof hij me wilde laten weten: “Had je niet gewoon bij de eerste gebleven?”
Mijn advies als je ook de perfecte babyfles zoekt?
Hou het simpel. Kies één fles en geef het wat tijd. Want eerlijk? Wat wij hebben gedaan – met vier verschillende flessen in huis – geeft alleen maar extra stress. Uiteindelijk pakken ze die fles toch wel, en dat dikke buikje komt er echt.

Gelukkig gaat het nu goed, en zo niet… heeft hij in ieder geval keus!


